17 mei —
24 aug 2025
Organiseren dorpen vaker een mienskipsproject?

Organiseren dorpen vaker een mienskipsproject?

Voor het onderzoek van Arcadia en de Rijksuniversiteit Groningen verdiept Carmen van Bruggen zich in de kracht van de mienskip. Ze kijkt naar hoe culturele initiatieven van onderop ontstaan, groeien en doorwerken in dorpen en wijken.

In haar nieuwste publicatie brengt zij meer dan 350 projecten in kaart. Zo ontstaat een breder beeld van wat ‘mienskipsprojecten’ zijn. Want waar gaan deze projecten over? En waar vinden ze plaats?

Veel onderzoek richt zich op één of enkele kunstprojecten. Dit onderzoek kijkt juist naar de breedte. Daarbij valt iets op: juist op het platteland, waar minder culturele instellingen zijn, bruist het vaak van de initiatieven. Maar zijn het er ook echt meer dan in de stad? En verschillen ze van elkaar?

Uit het onderzoek blijkt dat meer dan de helft van de projecten voorstellingen, zoals muziek, theater en voordrachten zijn. Dat zijn vormen waar veel mensen aan mee kunnen doen, op het podium en daarachter. Ook culturele wandelingen komen regelmatig voor: routes langs plekken waar kunst te zien en te beleven is.

Kijkend naar verschillen tussen dorpen, kleinere plaatsen en steden, valt op dat theater in kleine dorpen een grote rol speelt. Andere kunstvormen, zoals beeldende kunst of muziek, komen daar minder voor. In grotere plaatsen ontstaat meer variatie, al blijft theater overal de meest voorkomende vorm.

Er zijn geen duidelijke verschillen gevonden in de gekozen onderwerpen tussen stedelijke, tussenliggende en landelijke gebieden. Vaak gaan ze over de gemeenschap zelf, of over cultuur en lokale tradities. In een tijd waarin verschillen tussen stad en platteland vaak worden benadrukt, is dat een opvallende uitkomst.

De verschillen worden wel zichtbaar in de plekken waar projecten plaatsvinden. Op het platteland gebeurt veel buiten of op locaties die tijdelijk worden omgevormd. Denk aan een omgebouwde schuur waar een concert gegeven wordt, of een tuin waar een theatervoorstelling tot leven komt. In kleine dorpen vindt bijna 70 procent van de projecten buiten plaats, tegenover 27 procent in steden.

Het totaalbeeld laat zien dat deze projecten verspreid zijn over heel Fryslân (zie figuur 1). Eerder onderzoek laat zien dat opleidingsniveau invloed kan hebben op waar dit soort initiatieven ontstaan. Dat beeld wordt in dit onderzoek bevestigd. Tegelijkertijd wijst het onderzoek ook op een duidelijk plattelandseffect. Uit het onderzoek blijkt dat gemeenschappen op het platteland nét iets vaker de stap zetten om samen een cultuurproject te beginnen.

Waar dat precies door komt, is nog niet helemaal duidelijk. Er zijn wel aanwijzingen. Zo blijkt uit cijfers van het CBS dat mensen op het platteland vaker vrijwilligerswerk doen. Maar dat roept ook weer nieuwe vragen op. Ligt het aan een cultuur waarin zorgen voor elkaar vanzelfsprekender is? Of spelen andere factoren een rol?

In vervolgonderzoek gaat Carmen hier verder op in, onder andere via gesprekken met betrokkenen zelf.

Heb je vragen over het onderzoek of wil je op de hoogte blijven? Stuur Carmen gerust een mail via c.h.d.van.bruggen@rug.nl.