Snekertrekweg 1
8912 AA Leeuwarden
058 303 0482

Masochistisch nationalisme: je eigen land aanvallen en daar een kick van krijgen

4 september 2021
Masochistisch nationalisme: je eigen land aanvallen en daar een kick van krijgen

Voor de Engelse versie klik hier.

De communist en de katholiek beweren niet hetzelfde, in zekere zin zeggen ze zelfs tegenovergestelde dingen. Elk zou de ander graag in hete olie koken als de omstandigheden het toelieten; maar voor een buitenstaander lijken ze heel sterk op elkaar.

George Orwell

Ik zat op het terras van het Ras Hotel in Addis Ababa na te denken over nationalisme. Daar is iets mee aan de hand waar ik maar niet de vinger op kon leggen. 

Nationalisme! Je land is zo prachtig, en de tradities – ach! Zijn die niet hoogstaander en diepgaander dan alle andere? En onze keuken, onze landschappen! Hoe rijk, hoe ongekunsteld! Hoe doordrenkt van leven… Zo gaat dat door en door, tot de oren je tuiten.

Toch had ik het gevoel dat ik ook iets anders heb gezien, iets dat hiervan verschilt en er toch op lijkt… als door een spiegel in de verte. Hoe zit het met de links-liberale gevestigde orde? Wat zeggen zij? Die zullen toch wel het tegenovergestelde zeggen? Die maken zich toch niet druk om de eigen keuken, die spotten daar zelfs mee. Hachee met puree? Meen je dat nou? Ons platteland is te plat en te stil, onze tradities zijn kinderachtig en onze kranten staan vol saaie politieke discussies.

Toch zijn ook zij geobsedeerd door hun eigen cultuur, en net zo emotioneel en vooringenomen daarover. Is daar niet een overeenkomst? Kun je het niet benoemen als een ‘negatief’  soort nationalisme, waar hetzelfde gezegd wordt, maar dan met een ‘min-teken’ ervoor? 

Ik nam een gok, googelde ‘negatief nationalisme’ en tada!… daar was het al. Negatief Nationalisme – de ondertitel van een essay dat Notes on Nationalism heet. De schrijver was George Orwell. 

Hier stond alles waar ik vaag over na had zitten denken, elk glanzend detail blootgelegd door een van de grote schrijvers. Om dit omgedraaid nationalisme te illustreren, wijst Orwell op de Engelse linkse intellectuelen van tijdens de Tweede Wereldoorlog. Natuurlijk, stelt hij, ‘wilden ze niet dat de Duitsers of Japanners de oorlog zouden winnen, maar velen kregen onwillekeurig toch een soort kick van de vernedering van hun land, en ze hadden het liefst dat de uiteindelijke overwinning aan Rusland te danken zou zijn, of misschien Amerika, maar niet aan Groot Brittannië’. 

Daar was het allemaal, dezelfde obsessie met het eigen land, nu niet als een baken van deugdzaamheid, maar als iets om de draak mee te steken, en helemaal niet trots op te zijn. ,,Je eigen land’’, gaat Orwell door, ,,moet het mis hebben’’.

Het is het noemen waard dat deze Engelse linkse liberalen een kick kregen van de vernederingen van de Britse troepen. Het vermaakte en amuseerde ze wanneer hun eigen land in het openbaar belasterd werd. Daar voelde ze zich goed bij, en je voelt je nooit goed als je zelfhaat gebaseerd is op echte tekortkomingen. Als je land werkelijk geteisterd wordt door hongersnood of burgeroorlog heb je niet de aandrang om erover op te scheppen. Dat het deze high-brow-Britten opwond om hun eigen land neer te halen bewijst dat het allemaal fictief was, een tijdverdrijf van een klasse Europeanen die zich op de een of andere manier schaamden voor hun privileges en hun voorspoed.

Maar er zit meer achter, Wat te zeggen van de academici, journalisten en polici – vooral aan de linkerkant – met niet alleen weinig ontzag voor de eigen cultuur, maar die ook nog eens heel emotioneel worden over verre culturen – Syrië en Zuid-Afrika bijvoorbeeld? Zweedse tradities? Boeien. Maar de tradities van het Afghaanse volk, die zijn diep en authentiek. 

Zien we hier niet een andere griezelige overeenkomst, waar dat vervloekte nationalisme enkel naar een cultuur ver weg is overgebracht – een veilige plek voor een felle nationalist die wist dat hij of zij thuis geen nationalistische sentimenten zou laten zien, zelfs al werd er een pistool op hem of haar gericht? Dat datzelfde gedreven nationalisme helemaal ok is voor een cultuur die genoeg afwijkt en ondoordringbaar is. Dat het zelfs aan te bevelenis, omdat het nationalisme niet als zodanig opgevat werd, maar als een empathische houding ten opzicht van de slachtoffers van het Westers imperialisme?

Ja, zei Orwell, we zien inderdaad een andere onheilspellende overeenkomst. Dit is hetzelfde old-school nationalisme, maar nu ergens anders. Een negatieve kopie, een spiegelbeeld, en Orwell had er een naam voor: Overdrachtelijk Nationalisme (Transferred Nationalism). Afgezien van dat ene geografische detail, het uitverkoren plekje waar deze omgekeerde nationalisten zich op hebben gestort, was het niet te onderscheiden van elk plat nationalisme uit de geschiedenis. 

Maar er zijn ook verschillen. Deze mensen omhelsden het nationalisme niet omdat ze problemen hadden in de gemeenschap waarin ze waren opgegroeid problemen, maar ze deden dat als ongenaakbare, afstandelijke beschermers, mensen van goede wil, die zo goed als niets afwisten van het onderwerp van hun sentimentele identificatie.

Het is zelfs zo dat waar het klassieke nationalisme gebaseerd is op emotioneel geladen kennis van de eigen cultuur, het overdrachtelijk nationalisme juist gevoed wordt door een gebrek aan kennis van overzeese culturen.

En als de kennis erover toevallig toenam, nam de indealisering langzaam af. ,,Ik weet genoeg van de werkende klasse om die niet te idealiseren’’, zei Orwell.

Als je negatief nationalisme combineert met dat exotische, overdrachtelijk nationalisme, en je voegt dat opmerkelijke genoegen aan pijn toe waar Orwell het over heeft, wat krijg je dan? Dan krijg je, denk ik, een soort opgeblazen masochisme: een Masochistisch Nationalisme, oftewel een vrijwillige, gezamenlijke, politieke onderwerping. Zelfhaat vermengd met een gevoel van opwinding, of zelfs superioriteit.

Wie zijn masochistische nationalisten in de praktijk? Als we naar het terrein van het feminisme kijken, is het daar iemand die zou zeggen – met een akelig zelfvoldane houding – dat de situatie voor vrouwen in het Westen echt niet goed is, en zeker niet beter dan in andere landen. 

Toen de Australische schrijfsters Germaine Greer en Pamele Bone in 2007 in Melbourne in discussie raakten over slachtoffers van verkrachting in Darfur, zou Greer hebben gezegd: ,,Het is heel glibberig. Er wordt mij constant gevraagd of ik naar Darfur wil gaan om verkrachtingsslachtoffers te interviewen. Ik kan hier ook met verkrachtingsslachtoffers spreken. Waarin zou ik naar Darfur gaan om met slachtoffers te spreken?’’

Toen Bone antwoordde: ,,Omdat het daar veel erger is’’, stelde Greer de wedervraag: ,,Wie zegt dat dat zo is?’’ en voegde toe: ,,We laten verkrachtingsslachtoffers hier stikken. We doen het niet goed in onze eigen rechtbanken.’’ Waarom naar Darfur gaan? Waarom andere proberen te helpen als we onze eigen tegenslagen hebben om ons zorgen om te maken?

Dat was hem. Een Australische, bevoorrechte academica uit de middle-class die misschien nooit in Darfur is geweest, kreeg het uit onwetendheid voor elkaar, als een echte masochtische nationalist, om Australië negatief te vergelijken met een oord dat ongeveer de hel op aarde voor vrouwen is. De ondankbaarheid tegenover haar geboorteland was verbijsterend. Als tegenwicht voor Greers koloniale onverschilligheid ten opzichte van niet-Westerse vrouwen, zou men het Global Gender Gap Report van het World Economic Forum uit 2020 kunnen lezen, waar Soedan helemala onderaan de lijst staat. Wat moet ze nog meer weten?

Greer wilde vermijden de indruk te wekken van culturele zelfingenomenheid. Net als iedereen die links is en een publiek figuur maakte ze zich zorgen over haar anti-koloniale reputatie. Dat was belangrijker, lijkt het, dan verkrachte en vermoorde vrouwen in Darfur. Oppervlakkig gezien was Greer natuurlijk mijlenver verwijderd van de klassieke nationalisten, maar  vanuit een principieel standpunt gezien had ze veel met hen gemeen. 

Waar klassieke nationalisten anderen negeren omdat ze zichzelf superieur voelen, daar negeert Greer ze omdat ze zich minder voelt. Zo nu en dan struikelt bescheidenheid over haar eigen elitaire uitgangspunten. Het verschil tussen Darfur en Melbourne is niet oppervlakkig, maar echt. Het verschil tussen een klassieke nationalist en een masochistische nationalist is niet echt, maar oppervlakkig. Onderhuids zijn het twee paden naar hetzelfde doel: moreel eigenbelang en een huiveringwekkende onverschilligheid.

Hierboven betreurden leden van de links-liberale, zichzelf kwellende gevestigde orde de politiek in hun eigen land, en noemden die ‘saai’. Wel, misschien is het saai omdat het werkt?

Göran Adamson

Author of Masochistic Nationalism – Multicultural Self-hatred and the Infatuation with the Exotic (Routledge, 2021)

Andere berichten deze week